Categorieën
Verhalen

Jan Goossens: “Artsen Zonder Vakantie maakt het verschil voor duizenden mensen per dag”

Van vrijwilliger tot directeur

Jan Goossens startte als vrijwilliger bij Artsen Zonder Vakantie. In een tijdschrift voor verpleegkundigen ontdekte hij de organisatie waarmee hij zich opnieuw voor Afrika kon engageren waar hij eind jaren ’80 twee jaar vertoefde, samen met zijn vrouw Els, vroedvrouw en tevens vrijwilliger voor Artsen Zonder Vakantie. Hij herinnert zich de briefings en debriefings nog goed die in 1995 plaatsvonden aan de keukentafel van oprichters Frans De Weer en diens toenmalige vrouw Hilde Mattelaer. Na drie jaar werd hij als eerste medewerker aangenomen en bezocht door de jaren heen ziekenhuizen in elf Afrikaanse landen op zoek naar mogelijkheden om hen te ondersteunen. Nadien leidde hij de organisatie nog vier jaar als directeur tot in 2012.

Kleine ingrepen maken groot verschil

Wat hij leerde uit die periode is dat we als ngo volgens hem vooral moeten inzetten op wat we voor individuele mensen kunnen betekenen. “We moeten omzichtig omspringen met wat ‘duurzaamheid’ precies inhoudt en goed kijken waarin je werkelijk het verschil kan maken als organisatie. Welke vooruitgang je kan boeken met kleine interventies.”

Zo denkt hij bijvoorbeeld aan de kangoeroemethode die zijn vrouw Els had aangeleerd in het ziekenhuis van Walungu, DR Congo, waardoor de overlevingskansen van vroeggeboren kinderen verhoogde, of een kind dat orthopedische hulp kreeg waardoor het terug kan lopen. “Dat verhoogt zijn kans op het vinden van een job later waardoor dat kind uit de armoede kan komen. Zo denk ik bijvoorbeeld ook aan het fistelproject dat we deden. Dat was een project waarbij, door een chirurgische ingreep, de stigmatisatie van de getroffen vrouwen kon worden gestopt. Voor ons zijn het kleine ingrepen maar voor die vrouwen was het een verschil tussen een leven van uitsluiting of opnieuw kunnen integreren en een duurzaam leven kunnen oppikken.”

Niet overschatten

Jan Goossens benadrukt dat het belangrijk is dat we in de internationale samenwerking onszelf niet moeten overschatten en dichtbij de realiteit van het veld moeten blijven met onze ingrepen. “Zo herinner ik me bijvoorbeeld dat onze mensen in de beginjaren een prematuurtje hadden gered. Iedereen was euforisch. Maar de moeder van dat kindje was niet blij, want dat was een zorgenkind en ze had er thuis nog zeven andere rondlopen.”

Wereldverbeteraar

De wereldverbeteraar die hij was als zeventienjarige zit nog steeds in hem. “Tu peux quitter l’Afrique, mais l’Afrique ne te quitte pas” zeggen ze. Ik kijk heel tevreden terug op al die jaren en daarom blijf ik doen wat ik doe binnen ontwikkelingssamenwerking, ook momenteel als directeur bij Mamas for Africa.

Ik hoop van harte dat Artsen Zonder Vakantie bij zijn roots blijft want de medische ingrepen in combinatie met de opleidingen en kennisuitwisseling zorgen voor een verschil in het leven van duizenden mensen.”

Wil jij Artsen Zonder Vakantie steunen? Surf naar: https://act.azv.be/project/21858/contribute/user-infos

Tekst: Ann Palmers

Categorieën
Verhalen

Hoofdverpleegkundige Patrick Ngaboyeka Baderha: “Het is een roeping. We doen wat we kunnen met de middelen die er zijn.”

Elektrocardiogram

We spreken met Patrick Ngaboyeka Baderha die zes jaar werkt als gespecialiseerd verpleegkundige in het operatiekwartier van het referentieziekenhuis van de stad Nyantende. Dit ligt op een half uur rijden van Bukavu, de hoofdstad van Zuid-Kivu, DR Congo.

Patrick Ngaboyeka Baderha is er verantwoordelijk voor de intensieve zorgen en de verpleging op de spoed. Gedurende vijf jaar genoot hij tal van opleidingen via Artsen Zonder Vakantie in basischirurgie, intensieve zorgen en verpleging in het operatiekwartier. “Ik ben heel dankbaar voor alles wat ik geleerd heb. Mijn kennis is enorm toegenomen op het gebied van sterilisatie van operatie-instrumenten, de verdeling en opvolging van patiënten, reanimatietechnieken met en zonder apparatuur, enzovoort. We kregen een elektrocardiogram en een opleiding over hoe die juist te gebruiken. Daar ben ik nu verantwoordelijk voor.”

Urgente hulp

Als lokaal expert deelt hij op zijn beurt zijn verworven kennis met collega’s uit andere ziekenhuizen. Zo ging hij twee weken naar het ziekenhuis van Mubumbano, een vijftigtal kilometer verderop. “In het verleden hadden patiënten urgente hulp nodig en konden we die niet op een gepaste manier toedienen. We organiseren de intensieve zorgen nu op een andere manier waardoor er minder mensen sterven.”

Te kort aan apparatuur

Hoezeer Patrick zijn dankbaarheid uitdrukt, toch blijven de uitdagingen elke dag heel groot, vooral het tekort aan geschikte apparatuur is nijpend. “We kunnen momenteel tien mensen opvangen op de intensieve zorgen. Ze hebben eigenlijk alle tien een monitor nodig om hen adequaat op te volgen. Maar we hebben er slechts twee. Daarnaast hebben we maar twee zuurstofconcentratoren die werken. Als er vijf patiënten zuurstof nodig hebben, kunnen we er dus maar twee helpen.”

Doen wat nodig is

Ondanks deze moeilijke omstandigheden, blijft Patrick hoopvol: “Verpleger worden is en roeping”, lacht hij. “Het is met momenten heel zwaar. Maar het zou onmogelijk voor mij zijn om het niet te doen. Ik heb altijd patiënten willen verzorgen.” Met de covid-pandemie die stilaan de zuidelijke richting uitwaait, neemt de onzekerheid toe. “Wij zullen er als verpleegkundigen op intensieve zorgen middenin staan, dat staat vast. De aanpak van deze nieuwe ziekte staat nog niet helemaal op punt. Maar we zullen ons inzetten om te doen wat nodig is, met de middelen die we hebben.”

Tekst: Ann Palmers

 

Categorieën
Verhalen

Dr Dolores Nembunzu : “Artsen Zonder Vakantie gaf me de kans mijn talenten te ontplooien.”

Moeizame bevallingen

Zelf moeder van drie dochters wijdt ze haar leven aan de bestrijding van vesico-vaginale fistels bij Congolese vrouwen en de opleiding van verloskundigen rond dit thema. Een vesico-vaginale fistel is een abnormale verbinding die ontstaat tussen de blaas en de vagina.  Dit veroorzaakt blijvend verlies van urine en/of ontlasting uit de vagina. 92% van de fistels ontstaan tijdens een moeilijke bevalling, 5% na een gynaecologische operatie of door een verkrachting.

Dr. Dolores dankt haar naam aan de Spaanse dokteres die haar moeder bijstond tijdens haar moeizame geboorte. Alsof het lot ermee gemoeid is, zet ze zich al jaren gepassioneerd in om vrouwen te helpen die vesico-vaginale fistels overhouden aan onder andere moeilijke bevallingen.

“Ik doe het voor de glimlach die ik bij de vrouwen zie verschijnen eens de fistel hersteld is en nadat ze tien tot twintig jaar vernederd werden. Want wanneer ze een fistel hebben, verliezen ze urine van ‘s morgensvroeg tot ’s avonds laat. Daardoor worden ze uitgesloten door de gemeenschap. Zelfs na herstel geraken ze moeilijk terug geïntegreerd.”

Wereldwijde aandacht

De ontwikkeling van vesico-vaginale fistels bij net bevallen vrouwen is een groot probleem in DR Congo. Dokter Dolores vertelt dat er naar schatting 42 000 vrouwen onder lijden. Elk jaar komen er 4000 vrouwen bij. De fistelproblematiek kwam in 2003 wereldwijd onder de aandacht en nog meer toen dokter Mukwege, die vanuit Oost-Congo opereert, er in 2018 de Nobelprijs voor de Vrede voor kreeg. Vorig jaar werd ook Dolores zelf in de bloemen gezet door de prijs die ze via United Nations Population Fund (UNFPA) kreeg voor haar verwezenlijkingen.

Sterven hoort erbij

Ze werkt al 29 jaar in het ziekenhuis Saint-Joseph in het Westen van het land, aanvankelijk als verantwoordelijke van de materniteit, momenteel als directeur. “Het probleem oplossen is heel moeilijk. Naast armoede, vroege huwelijken en de inferieure positie van de vrouw is vooral de mentaliteit rond bevallen problematisch.

Op het platteland, waar de meeste vrouwen vandaan komen, moedigen zowel vrouwen als de gezondheidswerkers die hen omringen mekaar aan om hun eerste bevalling thuis te doen, zonder enige medische hulp. Om zo te tonen dat je ‘een echte vrouw bent’. Als de bevalling te lang duurt, en ze eigenlijk een keizersnede nodig hebben, moeten ze kilometers afleggen om bij een ziekenhuis te geraken. De meeste vrouwen sterven onderweg of baren een doodgeboren kind. Het probleem is dat de mensen dit als ‘normaal’ beschouwen, het hoort zogezegd bij het natuurlijke fenomeen van een bevalling. Je ziet in dorpen vaak vrouwen met vijf of zes kinderen lopen waarvan er bijvoorbeeld slechts twee van haarzelf zijn. De andere kinderen zijn van andere vrouwen uit de familie die stierven in het kraambed.” Dokter Dolores zucht. “Dat aspect maakt het heel moeilijk.”

Vredig wakker worden

Maar de verzuchting verdwijnt snel als ze denkt aan alle vrouwen die ze al heeft kunnen helpen. “Ik ben zo dankbaar voor wat Artsen Zonder Vakantie me gegeven heeft. Ik kon wel denken dat ik talent had, maar Artsen Zonder Vakantie heeft me de mogelijkheden gegeven om me bij te scholen in dit domein.” In 2003 komt ze voor het eerst in contact met uroloog Emile Debacker die tijdens een zending verschillende fisteloperaties uitvoert. “Ik zal nooit de reactie van één van de vrouwen vergeten die zei: ‘Dokter, ik ben voor het eerst in tien jaar vredig wakker geworden, zonder me zorgen te maken of mijn bed vochtig is of niet.’” Dokter Debacker toont haar ook tijdens zijn operaties voor het eerst de binnenkant van een blaas van een vrouw met fistels. “Ik stond met open ogen te kijken. Dat had ik me nooit kunnen voorstellen.”

Goed gedaan

Tijdens een tweede zending krijgt ze ondersteuning van de Luikse professor Jean de Leval . “Ik was aan het opereren. Hij verliet de kamer en ik opereerde voort. Na afloop zei hij: ‘Ik vraag me af of we nog moeten komen in de toekomst. U hebt dit zeer goed gedaan.’ Ik was overdonderd. Ten eerste omdat ik niet doorhad dat hij weer achter me was gaan staan om de operatie te volgen maar ook omdat zo’n belangrijke chirurg die woorden tegen me zei. Toen heb ik God bedankt. Als ik nadien twijfelde of ik goed bezig was, trok ik me daaraan op. De professor heeft gezegd dat het goed was”, lacht ze minzaam.

Wensen voor de toekomst

Ondertussen is dokter Dolores een referentie in het land en daarbuiten rond de fistelproblematiek. “Ik hoop dat we samen met Artsen Zonder Vakantie nog veel vrouwen kunnen helpen bij een vlot verloop van hun bevalling. Het is een dagelijkse realiteit. Ikzelf had er ook niet meer kunnen zijn want mijn moeder had een zeer moeilijke bevalling. Dankzij goede zorgverlening kunnen we veel vrouwen en pasgeborenen helpen. We willen zoveel mogelijk vrouwen met vesico-vaginale fistels verzorgen en daarnaast zorgverleners binnen de materniteit helpen om hun job zo goed mogelijk uit te oefenen. Dat zijn mijn wensen voor de toekomst en dit is ook wat we dit jaar al hebben gedaan door trainingen te organiseren in verloskundige noodgevallen voor de partnerziekenhuizen van Artsen Zonder Vakantie in Gombe-Matadi en Popokabaka.”

Tekst: Ann Palmers

 

Categorieën
Verhalen

Expert ziekenhuishygiëne Christian Balolebwami: “Zelfs met een beperkt budget weet Artsen Zonder Vakantie grote resultaten te boeken.”

Veel bijgeleerd

Als net afgestudeerde verpleger kwam Christian Balolebwami in 2005 in contact met de eerste vrijwilligers van Artsen Zonder Vakantie die in het hospitaal van Ciriri in Zuid-Kivu, Congo werkten. “Dat waren toen gemixte teams van chirurgen, gynaecologen, verplegers en anesthesisten. Ik werkte zelf in de operatiekamer en had het geluk veel vormingen te genieten. Ik heb ontzettend veel bijgeleerd.”

Terwijl hij in Ciriri was, begon Christian lokale zendingen te organiseren in andere BDOM-ziekenhuizen, waarvan sommige momenteel partners zijn van Artsen Zonder Vakantie (Monvu, Katana, Nyantende, Mubumbano, …). Ondertussen volgde hij cursussen volksgezondheid in Bukavu en Rwanda, waar hij een bachelordiploma in beheer en planning van gezondheidsprogramma’s behaalde.

Vijf jaar later volgde Balolebwami publieke gezondheidszorg in Bukavu en werd hij door Maria Masson, die toen BDOM leidde, aangesteld om alle zendingen van Artsen Zonder Vakantie in de elf zones waar zij verantwoordelijk voor waren, op te volgen. Leergierig als hij is, volgde hij daarna nog een observatiestage in Doornik in België.

Beperkte hygiëne

“Tijdens die eerste zendingen viel het op hoeveel moeilijkheden de Belgische vrijwilligers ondervonden tijdens hun werk door een gebrek aan ziekenhuishygiëne. Het afval werd niet gesorteerd. Het lag zelfs op de binnenkoer van het ziekenhuis. Daardoor ben ik me meer gaan toeleggen op hygiëne en ziekenhuismanagement.” Als expert reisde Christian verschillende jaren de regio rond en leidde o.a. technici op rond sterilisatie van instrumenten in het kader van Jenga Maarifa.

Water- en afvalbeheer

Voor hem betekent het werk van Artsen Zonder Vakantie enorm veel. “Met een relatief beperkt budget is de impact groot. Als supervisor leerde ik hoe we de resultaten van de zorgverlening mathematisch konden analyseren door zowel de kwalitatieve als de kwantitatieve indicatoren te evalueren. Zo kon ik de ziekenhuizen gepast ondersteunen. Artsen Zonder Vakantie evalueerde ook het medisch materiaal dat gebruikt werd en hielp prioriteiten stellen door bijvoorbeeld geen couveuse aan te vragen als er onvoldoende elektriciteit voorhanden is, want dan ben je er uiteindelijk toch niks mee.

Daarnaast boekten partnerziekenhuizen dankzij de jarenlange kennisuitwisseling betere resultaten. Momenteel zijn bepaalde ziekenhuizen zelfs referenties op het gebied van kwaliteit en zijn ze opleidingscentra voor anderen hospitalen in de provincie.

Persoonlijk ben ik nog op zoek naar een bijscholing in waterbeheer, aangezien er nog heel wat ziekenhuizen zijn die vuil water gebruiken. Ik zou ook graag dieper ingaan op cursussen volksgezondheid. Op sommige plaatsen is de ziekenhuishygiëne verbeterd, maar het blijft een grote uitdaging, vooral in mijn land, DR Congo.”

Zichtbare resultaten

“De resultaten van Artsen Zonder Vakantie zijn zichtbaar op velerlei vlakken: vroeger hadden sommige ziekenhuizen jaarlijks acht vrouwen die stierven in het kraambed. Dat is nu verleden tijd. De sterftecijfers bij kinderen en moeders zijn ontzettend gedaald.

Vroeger vond je ook geen enkel ziekenhuis binnen BDOM met beeldvormende diagnostiek, zelfs niet in Ciriri. Nu wel. Er werd niet enkel gezorgd voor het juiste materiaal maar ook voor een goede analyse en opvolging. Bovendien worden ziekenhuistechnici opgeleid om die medische apparatuur goed te herstellen. De meerwaarde is enorm. Ook het aantal chirurgen in de partnerziekenhuizen steeg en de hygiëne ging erop vooruit.

Ik kan alleen maar hopen dat die evolutie zich zo verder blijft ontwikkelen en dat ze zich voortzet in andere structuren zoals bijvoorbeeld de provinciale afdeling van de gezondheidszorg, zoals dat in Burundi het geval is.”

Tekst: Ann Palmers

 

Categorieën
Verhalen

Joost Van Heesvelde : Al 30 jaar is Fracarita Belgium trouwe partner van Artsen Zonder Vakantie in het Grote Merengebied in Afrika.

Meer dan 100 zendingen

Begin de negentiende eeuw ontstond de congregatie van de Broeders van Liefde als antwoord op een gebrek aan aandacht voor mensen die psychisch lijden. De congregatie richtte zich op drie apostolaatswerken, de geestelijke gezondheidszorg, zorg voor mensen met een beperking en onderwijs. Voor hun werk in het Grote Merengebied richtten ze de ngo Fracarita Belgium op, die vijf jaar geleden haar erkenning door DGD verloor. Niettemin blijft Fracarita haar werkzaamheden voortzetten, o.a. in samenwerking met Artsen Zonder Vakantie.

Joost Van Heesvelde: “Over de jaren heen – uitgezonderd van deze pandemieperiode – gingen er zo’n vier à vijf experten per jaar naar onze centra in Rwanda, Burundi en DR Congo. Dat waren vooral psychiaters, neurologen, psychologen, psychiatrische verpleegkundigen en orthopedische teams. Dat moeten over de jaren heen al meer dan 100 zendingen geweest zijn.”

Traditionele genezers

Van Heesvelde ziet vooral een nood op vlak van geestelijke gezondheidszorg in de regio. “Er zijn daar weinig tot geen specifieke opleidingen op het vlak van psychiatrie.

Ondertussen konden enkele generalisten zich door onze ondersteuning specialiseren maar veelal ontbreekt het de bevolking nog aan kennis over wat ze met bepaalde geestesziekten moeten doen. Er wordt veel beroep gedaan op traditionele genezers of nog erger, ze worden opgesloten of zelfs geketend. Zoals dat vroeger bij ons ook het geval was.”

Neurologie versus psychiatrie

“Dertig procent van de patiënten die op consultatie komen in de psychiatrische centra lijdt aan epilepsie, een aandoening die in België onder de neurologie wordt geplaatst. Maar in die regio wordt nog vaak de link gelegd naar ‘boze geesten in je hoofd’ waardoor die mensen in onze psychiatrische centra terechtkomen.” In totaal bouwden de Broeders van Liefde eenentwintig psychiatrische centra in het Zuiden en een twintigtal centra voor zorg en welzijn waar mensen met allerlei beperkingen terechtkunnen. De samenwerking met Artsen Zonder Vakantie concentreert zich in centra in Oost-Congo, Burundi en Rwanda. In het laatste land merkt Joost de laatste jaren een sterke vooruitgang in de toegankelijkheid van de zorg. “Door het oprichten van mutualiteiten en een verplichte aansluiting van alle burgers, krijgen de mensen een sociaal vangnet waardoor ze toegang krijgen tot de juiste zorg. Ook op het vlak van uitrusting en apparatuur zien we een positieve evolutie.”

Leergierigheid

Tot slot wenst Joost Artsen Zonder Vakantie het allerbeste. “De honger naar kennis in de regio is heel groot. De leergierigheid van onze lokale mensen is me bijgebleven toen ik een vorming van medische vrijwilligers bijwoonde. Artsen Zonder Vakantie kan die unieke combinatie van kwalitatieve zorgverlening én kennisuitwisseling aanbieden. Die manier van werken verdient een blijvende plek binnen de ontwikkelingssamenwerking.”

Tekst: Ann Palmers

 

Categorieën
Verhalen

Spoedarts Nele Vangheluwe doet al 15 jaar zendingen voor Artsen Zonder Vakantie. “Ik heb al zoveel geleerd van mijn Afrikaanse collega’s.”

Kort op de bal

Dr. Nele Vangheluwe doet al vijftien jaar zendingen naar alle partnerlanden van Artsen Zonder Vakantie. Zo reisde ze de voorbije jaren vijfentwintig keer naar Rwanda, DR Congo, Burundi en Benin om spoedafdelingen op te starten. Een dienst die bij ons ook nog vrij jong is, maar in deze Afrikaanse landen quasi onbestaande. “Ik hou van de directheid van een spoedafdeling. Eigenlijk ben ik er bij toeval ingerold maar dit werk is mijn passie geworden. Het kort op de bal spelen, mensen met een acute vraag kunnen helpen, het teamwerk samen met de verpleegkundigen en de mensen van de logistiek. Het is hard werken maar dat ligt me wel.”

Klaarstomen personeel en materiaal

Dr. Nele Vangheluwe heeft al in zes verschillende Afrikaanse partnerhospitalen meegewerkt aan de uitbouw van de spoed. Op drie jaar tijd stelt ze, steeds in samenwerking met een verpleegkundige en de Afrikaanse collega’s, alles in het werk om hun spoeddienst operationeel te maken. Dit doet ze als vrijwilliger tijdens haar eigen vakantieperiodes.

“Er is een enorme bereidheid en inzet van onze Afrikaanse collega’s om dit te verwezenlijken omdat ze de nood van een spoed inzien. De opleiding van het personeel, het beschikbaar stellen van het juiste materiaal en de zorg voor dat materiaal zijn de grootste uitdagingen. Ik werkte samen met hen een cursus uit. Wat doe je met een acuut zieke patiënt? Wat meet je? Wat zoek je? Hoe behandel je? Waar moet die naartoe? Samen maken we protocollen op maat van hun spoeddienst. We leggen een urgentiekast aan. Daarin zitten alle materialen en noodmedicatie die ze met heel veel respect koesteren. Die zorgzame omgang met het materiaal en ook met elkaar zit trouwens ingebakken bij de mensen die ik leerde kennen.”

Mensen verloren, mensen gewonnen

Nele vertelt hoe elk ziekenhuis zijn eigen troeven ontwikkelde. Zo is het ziekenhuis van Bassila in Benin ver gevorderd in het monitoren van de patiënt. Het ziekenhuis van Nyantende in DR Congo heeft ondertussen een ambulancedienst. In het ziekenhuis van Walungu in DR Congo waren ze net opgestart maar moesten ze de ondersteuning onderbreken wegens de covid-pandemie. Ze zal nooit de mensen vergeten die ze verloren omdat er geen gepaste behandeling mogelijk was of die ene jonge vrouw met astma die stierf door een gebrek aan zuurstof en de juiste medicatie. Maar Nele houdt ook vast aan de mensen die ze wél konden voorthelpen, zoals die andere vrouw met diabetes. “Ze had te hoge suikerwaarden in het bloed en een ontstoken voet en wilde eerst niet behandeld worden. Beetje bij beetje konden we haar vertrouwen winnen. De glimlach op haar gezicht toen ze in goede gezondheid het ziekenhuis verliet, zal me altijd bijblijven.”

Teken van hoop

Als we vragen waarom ze zo graag voor Artsen Zonder Vakantie haar vrije tijd doneert, wordt ze bijna lyrisch. “Ik kan me niet voorstellen dat ik dit niet zou doen. Ik krijg er zoveel van terug. Ik mis de Afrikaanse collega’s enorm. Ze hebben me mildheid en geduld geleerd. Ze zijn creatief in moeilijke omstandigheden. Ik zag zelfs een arts op discrete manier de consultatie van een patiënt betalen, terwijl ze zelf bijna niet rondkomt met haar salaris. ‘Si on donne, on reçoit,’ repliceerde ze toen ik haar vroeg wat er gebeurde. Wij leven gehaast, snel en in overvloed. We moeten voortdurend keuzes maken tussen alles wat mogelijk is. Zij hebben me getoond dat anders leven mogelijk is. Je moet het maar doen hé. Met twee dokters, in een perifeer ziekenhuis, ver van alle comfort, vele patiënten bedienen. Daar is moed voor nodig.” De woorden die haar het meest bijbleven, waren van een dokter die zei dat hij zich door hun komst niet meer in de steek gelaten voelde. “Wij gaan ook naar afgelegen gebieden. Daar waar bijna niemand komt. Ik zag een arts met een boek getiteld ‘chirurgie pour le médecin isolé.’ Dat vond ik zo sprekend. We waren voor hem een teken van hoop, zei hij.”

Vernieuwende visie

De spoedarts kan niet wachten om haar werk verder te zetten ter plaatse. “Ik ben maar een kleine radar in het grotere geheel van wat Artsen Zonder Vakantie doet. Zet mij maar tussen de mensen op het werkveld. Ik ben dan ook fier dat ik voor zo’n organisatie mag werken, die een kritische, vernieuwende visie heeft op internationale solidariteit. Waardoor zorgverleners met minder kansen worden ondersteund zodat patiënten ginds ook meer kansen krijgen.”

Tekst: Ann Palmers

 

Categorieën
Verhalen

Dr. Patrick Peeters: “Mijn powerpoints groeiden uit tot pediatrische protocollen die worden afgetoetst om erkenning te krijgen over heel DR Congo.”

Eerste voet in Afrika

We spreken met hem vanuit Aat, in de provincie Henegouwen, waar hij woont met zijn vrouw. Hij vertelt hoe hij in 1973 tropische geneeskunde studeerde tijdens zijn doctoraatsstudies in de pediatrie. Zijn vrouw, die oogarts is, startte in 2003 een vzw op om cataract in Congo te bestrijden. Zo zet Patrick Peeters voor het eerst voet op Afrikaanse bodem. Hij zet verschillende projecten op en komt in contact met het ziekenhuis van Kimbondo, net buiten Kinshasa, dat via hem gedurende enkele jaren een partnerziekenhuis werd van Artsen Zonder Vakantie.

Werkgroep pediatrie

Sinds 2005 begint Patrick Peeters zendingen voor Artsen Zonder Vakantie te doen. Uit de behoefte ervaringen uit te wisselen met andere vrijwillige pediaters die op het terrein werkten, richtte hij twee jaar later een werkgroep op. De werkgroep combineerde het nuttige aan het aangename. Ze namen tijd om over kindergeneeskunde in Centraal-Afrika te praten en leerden mekaar beter kennen tijdens het etentje achteraf.

Voor een zending naar het kinderziekenhuis Kalembe Lembe in Kinshasa maakte Patrick een tiental powerpoints. “Er was in die tijd politieke onrust waardoor het diensthoofd én tevens kinderarts van dat ziekenhuis verbannen werd. Daardoor zat het ziekenhuis al een hele tijd zonder diensthoofd en hadden ze mijn hulp ingeroepen. Net op de dag dat ik begon, werd ze vrijgesproken en mocht ze terug werken. Er zijn in het algemeen heel weinig kinderartsen in Congo. Kinderen worden vaak doodziek naar een ziekenhuis gebracht, waar ze binnen de 24 uur sterven. Om dat sterftecijfer te doen dalen, probeerde ik een overzicht te geven van mijn kennis over pediatrie in tien presentaties. Dat ging bijvoorbeeld over het gebruik van antibiotica, of over wat te doen bij kinderen met acute problemen aan de luchtwegen, enzovoort.”

Structuur voor de volksgezondheid

Ondertussen trad Patrick Peeters toe tot de Raad van Bestuur, werd ondervoorzitter en vier jaar later voorzitter van Artsen Zonder Vakantie. Een functie die hij gedurende jaren met hart en ziel bekleedde. Hij gaf een interview op RTBF dat niet onopgemerkt voorbijging voor Douchan Beghin, toenmalig docent Volksgezondheid en Pediatrie aan de Vrije Universiteit van Brussel. “Hij was geboeid en klaar om ons te helpen. Hij gaf richtlijnen om die powerpoints en het materiaal dat we verzamelden, te structureren om te kunnen gebruiken voor de volksgezondheid in Zuid-Kivu. Mijn powerpoints werden fiches. De fiches groeiden uit tot 75 pediatrische protocollen. We baseerden alle protocollen op het Blauwe Boekje van de Wereldgezondheidsorganisatie die basisrichtlijnen geeft voor kindergeneeskunde over alle continenten heen. We gebruikten zelfs dezelfde nummering. We hebben in feite een aantal bladzijden leesbaarder, hanteerbaarder gemaakt.”

Niet wachten, maar onmiddellijk handelen

In datzelfde jaar reisden Peeters en Beghin naar het ziekenhuis van Kimbondo om de protocollen aan te leren aan de artsen en verpleegkundigen. Douchan met de bril op van volksgezondheid, Patrick vanuit zijn ervaring in de praktijk. “Wat te doen met een kind dat in comateuze toestand in een ziekenhuis terechtkomt? Het moet een reflex worden. Als een kind met uitdrogingsverschijnselen wordt binnengebracht, moet je onmiddellijk handelen. Een bijkomend probleem is dat het gezondheidssysteem daar hiërarchisch wordt georganiseerd. Een ouder met een ziek kind klopt eerst aan bij een gezondheidscentrum (centre de santé), waar, in vele gevallen, een verpleger beslist welke hulp er al dan niet geboden wordt. Nog te vaak volgt het advies om nog een dag te wachten, om dan pas naar een ziekenhuis te gaan. Het is goed dat er nu wordt ingezet om ook die zorgverleners, die verantwoordelijk zijn in de centra, goed op te leiden. Alleen dan kan er een vermindering van de sterftecijfers bekomen worden.”

Nationale erkenning

Beghin deed nog verschillende zendingen naar Zuid-Kivu om de protocollen ook in andere ziekenhuizen te introduceren in samenwerking met BDOM. In 2013 contacteert hij Dr. Zozo Musafiri die voor de provinciale overheid werkt, een oude bekende die aan de ULB Volksgezondheid studeerde. Ondertussen worden de protocollen in Zuid-Kivu door de lokale overheid verspreid en maken er een zestigtal ziekenhuizen gebruik van. “Het is altijd mijn droom geweest om ze nationaal te laten erkennen. Maar ik kreeg vaak te horen dat ik hierin te ambitieus was. Deze protocollen zijn een reddingsboei voor de zorgverleners ter plaatse. Zelfs hier in België kan een arts in paniek geraken wanneer hij een heel zwaar ziek kind op consultatie krijgt. Maar die heeft een hele batterij aan voorzieningen waarop hij kan terugvallen. De artsen in Congo niet. Dus ik ben heel blij dat Dr. Zozo Musafiri dit ter harte neemt. Dat betekent niet dat het gemakkelijk zal gaan. Hij kent gelukkig de juiste mensen in de juiste posities om dit thema te bespreken. Mochten ook de universiteiten mee aan boord gaan, zou onze taak helemaal vervuld zijn.”

(G)een limiet

Onlangs werd de maximumleeftijd om zendingen te kunnen blijven doen, gelimiteerd tot 75 jaar. Patrick Peeters is er ondertussen 73. “Ik voel me zo oud nog niet. Dus het is jammer dat die maximumleeftijd dichterbij komt. Aan de andere kant blijf ik bezig. De werkgroep van pediaters is een begrip geworden bij de Belgische universiteiten. We worden als experten beschouwd, waar ik fier op ben. Gelukkig staat er op bijleren en luisteren geen limiet. Dus ik blijf voort werken zoals altijd en wens ook Artsen Zonder Vakantie een mooie toekomst met een verderzetting van alle projecten en verwezenlijkingen.”

Tekst: Ann Palmers

Categorieën
Verhalen

Ziekenhuismanager Krista Vandenborre: “Een medisch archief aanleggen is nu een standaard voor elk partnerziekenhuis.”

Vrijwilligers managen

Krista Vandenborre genoot opleidingen in verschillende hogescholen en universiteiten en werkt momenteel als zelfstandige consulent ziekenhuismanagement voor Belgische ziekenhuizen. Ze vervulde voor Artsen Zonder Vakantie de voorbije zeventien jaar diverse rollen. In de eerste plaats als terreinvrijwilliger in ziekenhuisorganisatie, waarvoor ze meer dan tien zendingen deed naar voornamelijk (Oost-)Congo. Daarnaast zetelt ze al twaalf jaar in de Algemene Vergadering en sinds twee jaar is ze voorzitter van de Raad van Bestuur. Een rol waarmee ze haar stempel drukt omwille van de professionalisering die ze doorvoerde. “We zijn een vrijwilligersorganisatie, maar ook die moet je managen, hé. We evalueren de bestuursleden nu, wat voordien niet gebeurde. We stelden profielen op die je nodig hebt voor een goed bestuur en gaan ook extern op zoek naar de juiste mensen. Daarnaast is onze grootste uitdaging het gelijkwaardige partnerschap realiseren met onze Afrikaanse collega’s. We leggen de laatste jaren nog meer de nadruk op de ondersteuning van de Afrikaanse zorgverstrekkers, zodat ze zelf de zorg voor hun patiënten beter kunnen opnemen.”

Afrikaanse microbe

De Afrikaanse microbe kreeg Krista eind jaren ’80 te pakken, toen ze als verpleegkundige twee zomers in het ziekenhuis van Kimpese in DR Congo werkte. Een aantal jaren later ontdekte ze Artsen Zonder Vakantie via een artikel in de krant. “Ik schreef hen een brief en werd uitgenodigd op gesprek. Ik zei dat ik intussen meer op organisatorisch vlak werkte en me dus niet meer bekwaam voelde om als verpleegster aan de slag te gaan. Maar blijkbaar was dat net wat ze op dat ogenblik zochten.” Een jaar later ging ze voor de eerste keer op zending naar hetzelfde ziekenhuis in DR Congo waar ze als studente vertoefde.

Medisch dossier

Tijdens haar volgende zending in Walungu, introduceerde ze het medische dossier per patiënt, en bij uitbreiding het medisch archief, een verwezenlijking waar ze tot vandaag heel fier op is. “We merkten dat er nog geen systeem bestond om de medische geschiedenis van patiënten op te volgen. We overlegden wat zo’n dossier dan precies moest inhouden en hoe we dat zouden aanpakken, rekening houdend met de beperkte middelen. Van een elektronisch dossier kon geen sprake zijn, dus kozen we voor een papieren versie. Alleen al die honderden geplooide kartons bij elkaar krijgen was een huzarenstuk. We kochten de hele voorraad op van de grootste papeterie van Bukavu.” Ondertussen is de implementatie van zo’n medisch archief een vast onderdeel geworden bij de ondersteuning van elk partnerziekenhuis van Artsen Zonder Vakantie. “Molière, de plichtsgetrouwe en nauwgezette boekhouder die het archief in Walungu mee uitwerkte, is nu de referentiepersoon wat betreft medische dossiers. Hij begeleidde ondertussen tal van ziekenhuizen tot in Kinshasa en Burundi. Een mooi voorbeeld van hoe we ons misbaar kunnen maken.”

Allround en overbevraagd

Want dat blijft het uiteindelijke doel van Artsen Zonder Vakantie te midden van de moeilijke omstandigheden waarbinnen de Afrikaanse zorgverleners moeten werken. Als we vragen naar de grootste moeilijkheden in de algemene ziekenhuisorganisatie vermeldt Vandenborre vooral de continuïteit van het werk. “Vaak zijn er maar drie of vier artsen werkzaam in een ziekenhuis. Hoe maak je dan een planning om 24 op 24 uur, 7 dagen op 7 patiënten te verzorgen? De artsen zijn overbevraagd. Ik sta er telkens opnieuw versteld van hoe ze het bolwerken. Bovendien zijn vele artsen allrounders die van alle markten moeten thuis zijn. Dat gaat van dringende bevallingen, over diabetes coma, tot iemand die een auto-ongeluk overleefde. Daarnaast kan een patiënt maar goed genezen als hij kan rusten en voldoende kan eten. Die aandacht voor het welzijn van de patiënt wordt momenteel voornamelijk aan de familie overgelaten. Als ik vormingen geef aan ziekenhuisdirecteurs probeer ik ook die aspecten mee te geven.”

Denkfouten bijstellen

Hoewel ze in België vaak in managementposities verkeert, gaat ze in Afrika even graag het terrein op. “Je werkt in omstandigheden die anders minder toegankelijk zijn en je werkt dicht bij de lokale bevolking. Het blijft een uitdaging om anders te denken, om stil te staan bij je eigen denkfouten. Zoals bijvoorbeeld het drie shiften systeem dat we hier hanteren. Dat kan je in DR Congo niet toepassen. De nachtdienst duurt er van 16u tot 7u ’s morgens, wat me aanvankelijk ontzaglijk lang leek. Maar de medewerker die om 16u stopt, moet nog een uur tot anderhalf uur naar huis wandelen en wil thuis zijn voor het donker. Dat is een totaal andere manier van functioneren, aangepast aan hun realiteit. Daarmee rekening houden, je eigen inzichten bijstellen en toch de vertaalslag trachten te maken van concepten die hier werken naar de lokale context, dat is de weg waar Artsen Zonder Vakantie aan timmert. Ik ben blij dat ik daar mijn steentje aan kan bijdragen.”

Tekst: Ann Palmers

Categorieën
Verhalen

Dr Serge Munane: “Ik vind het fantastisch dat Artsen Zonder Vakantie oog heeft voor psychiatrie en geestelijke gezondheidszorg.”

Beter begrijpen

De eerste jaren van zijn studies volbracht Dr Serge Munane in Rwanda en kwam daar als pas afgestudeerde dokter in contact met een groot aantal psychisch kwetsbare jongeren, als gevolg van het grote geweld dat het land kende tijdens de genocide. “Ik wilde hen helpen door hen beter te begrijpen maar ik had onvoldoende bagage op dat ogenblik. Zo ben ik me gaan verdiepen in het domein van de psychiatrie, een onderdeel van de gezondheidszorg dat nog steeds te weinig aandacht krijgt in landen als DR Congo en Burundi. Er is weinig overheidssteun en geestelijke gezondheidsproblemen worden onvoldoende erkend, ondanks tussenkomst van enkele internationale organisaties.

Zelfs de meeste gezondheidswerkers hebben te weinig kennis over mentale gezondheid. Waardoor er te weinig rekening mee wordt gehouden bij doorverwijzingen naar specialisten.”

Nabije gids

Dr Serge Munane kwam voor het eerst in contact met Artsen Zonder Vakantie tijdens zijn Belgische stage in het Sint-Elisabeth ziekenhuis in Ukkel toen zijn mentor, Dr De Hertogh hem introduceerde. Hij noemt zichzelf liever een ‘accompagnant de proximité’, een nabije gids zou je kunnen zeggen, in zijn taak de neuro-psychiatrische centra te ondersteunen. “De eerste drie jaren werkten we vooral aan de verbetering van de patiëntenzorg, door het versterken van de geïndividualiseerde zorg voor patiënten die langere tijd gehospitaliseerd zijn. We voorzien per patiënt één verpleegkundige of dokter, ondanks het personeelstekort, die hen individueel opvolgt en een uniek dossier opmaakt. We bepalen een circuit, een volgorde van onderzoeken en zorgen die een patiënt moet doorlopen. Zo structureerden we de zorgverlening waardoor de kwaliteit verhoogt.”

“De eerste drie jaar werkten we vooral aan het verbeteren van de kennis en kwaliteit van de patiëntenzorg, door het versterken van de geïndividualiseerde zorg voor patiënten die meer tijd nodig hebben tijdens hun ziekenhuisopname. We voorzien, ondanks het gebrek aan gekwalificeerd personeel, één verpleegkundige of één arts per patiënt, die hem individueel volgt en één dossier bijhoudt.

Holistisch

“Vanaf 2019 legden we samen met Artsen Zonder Vakantie meer de focus op crisissituaties binnen de psychiatrie, wat een groeiende nood is in Burundi. We ontvangen de patiënten met een multidisciplinair team op de spoed. Dat team bestaat uit een psychiater of een dokter met psychiatrische kennis, psychologen, verpleegkundigen maar ook iemand van de sociale dienst. We gaan holistisch te werk zodat we beter kunnen evalueren waar de patiënten nood aan hebben en op welke afdeling ze best worden opgenomen. We willen deze methodologie graag in andere landen implementeren om een holistisch antwoord te bieden op de behoeften van patiënten met mentale uitdagingen.”

Samenwerking is de essentie

Dokter Munane voelt een enorme honger naar kennis bij het personeel van beide centra. “Het is mijn drijfveer om dit te doen. Mensen willen zich verbeteren, groeien, ervaringen delen, bijleren zodat iedereen geniet van de vooruitgang die we samen boeken. Dat vind ik trouwens zo krachtig aan de manier van werken van Artsen Zonder Vakantie. De teams tijdens de zendingen worden multidisciplinair samengesteld om zo een mooie synergie te bereiken. Dat komt voor mij overeen met de essentie van psychiatrie. Je kan een patiënt niet begrijpen vanuit je gesloten kabinet. Daarvoor is de problematiek bij de mensen vaak te complex. Je moet daar samen aan werken. En dat is waar Artsen Zonder Vakantie voor staat: samenwerking en kennis delen.”

Tekst: Ann Palmers

Categorieën
Verhalen

Dr. Oscar Ntihabose: “Het is zoeken hoe we ons personeel kunnen behouden.”

Specialisten op honderd kilometer

Dr. Oscar Ntihabose is sinds 2016 directeur van het ziekenhuis van Muramvya in Burundi. Als eerste referentieziekenhuis van het district krijgen ze patiënten doorverwezen vanuit de vijftien gezondheidscentra in de regio en naburige provincies. Artsen Zonder Vakantie werkt al acht jaar samen met het hospitaal. “Onze eerste zendingen waren vooral met Belgische specialisten in verloskunde, basischirurgie, labo en hygiëne. Van zodra we wisten dat ze hier twee weken op zending zouden komen, verwittigden we alle mensen via de kerk en andere kanalen om zich te komen melden. De vrijwilligers wisselden kennis uit en opereerden samen met de lokale artsen hernia’s, tumoren en andere urgenties. Eens de dokters terug vertrokken, moesten we de patiënten doorverwijzen naar nationale referentieziekenhuizen in de hoofdstad Bujumbura. Je begrijpt dat dat voor de boeren hier niet gemakkelijk is. De reis heen en terug is al honderd kilometer en dan heb ik het nog niet over de dure consultatie- en medische kosten.”

Van nood naar deugd

Sinds de socio-politieke veranderingen in het land in 2015 konden de partnerziekenhuizen geen Belgische vrijwilligers meer ontvangen. Artsen Zonder Vakantie ging op zoek naar Burundese specialisten om de ziekenhuizen toch te blijven steunen. “Die uitwisselingen met lokale experten zijn een schot in de roos. Negentig procent van onze specialisten werken allemaal in Bujumbura. Dankzij de financiële tussenkomst van Artsen Zonder Vakantie konden we hen naar hier halen om onze patiënten te behandelen en ons personeel ter plaatse op te leiden.”

Goed georganiseerd

Dr. Oscar Ntihabose is tevreden over de evolutie die zijn hospitaal de voorbije jaren heeft gekend. “We zijn het drukst bezochte publieke ziekenhuis van de omgeving. Onze patiënten zeggen regelmatig dat ze graag naar hier komen omdat we zo goed georganiseerd zijn. Zo hebben we onze manier van steriliseren bijvoorbeeld uniform aangepakt over alle diensten heen. Voordien deed iedereen het op zijn eigen manier. Onze artsen, die allemaal generalisten zijn, kunnen nu echo’s nemen en interpreteren, baarmoederverwijderingen en andere ingrepen uitvoeren. Dat konden ze daarvoor niet.”

Strijd om beste kracht

De grootste uitdaging voor dit ziekenhuis blijft de zelffinanciering, zoals bij de meeste partnerziekenhuizen van Artsen Zonder Vakantie. Alsook de mobiliteit van het personeel. “Dankzij de vormingen geraakt ons personeel beter gekwalificeerd en bijgevolg gewild door andere instituten. Zo hebben we al verschillende mensen zien vertrekken die hier een opleiding genoten. Het blijft dus zoeken naar de juiste strategie om onze mensen gemotiveerd te houden om bij ons te blijven. Ik zie oplossingen op academisch niveau om de opleidingen aan te passen en op centraal niveau zouden er middelen kunnen gezocht worden om zorgpersoneel op te leiden zodat we niet hoeven te strijden om elkaars beste krachten.”

Ingeslagen pad verder zetten

Tot slot wenst hij Artsen Zonder Vakantie een goede voortzetting van het ingeslagen pad. “Het is één van de drie belangrijkste partners van ons ziekenhuis die zichtbare resultaten heeft geboekt. Ik hoop dat ze voor andere regio’s evenveel kunnen betekenen. Hun manier van werken werd trouwens opgepikt door het Ministerie van Volksgezondheid. Elk districtshospitaal is nu verplicht om bij bepaalde chirurgische ingrepen een basispakket van zorgen aan te bieden. Dat was op initiatief van Artsen Zonder Vakantie. Daar zijn we ontzettend dankbaar voor.”

Tekst: Ann Palmers